volp

Interview Tweede Kamerlid Marith Volp

“Je moet een engelengeduld hebben om iets voor elkaar te krijgen, maar door mijn patiënten blijf ik gemotiveerd”

Ik ben de politiek ingegaan, omdat ik merkte dat de politiek steeds vaker mijn spreekkamer in kwam. Vier dagen in de week ben ik PvdA Kamerlid in Den Haag en een dag ben ik huisarts in Amsterdam Nieuw-West. Veel van mijn patiënten met een niet-westerse achtergrond dachten dat Nederland niets meer van ze moest hebben en daar maakte ik me zorgen over. Ik deelde mijn zorgen met een kennis van mij en dat was in 2012, vlak nadat het kabinet van Rutte I viel. Zij zei toen: ‘Waarom solliciteer je dan niet voor de Tweede Kamer?’ Ik dacht toen: ‘Ja, ik kan wel solliciteren, maar ik heb geen politieke ervaring en ik ben niet eens lid.’ Maar ik heb het toch gedaan. Vervolgens werd ik uitgenodigd voor twee gesprekken. Toen kwam ik op plek 46. De PvdA veroverde toen 38 zetels en vanaf dat moment wist ik dat er een keer een belletje zou komen. Een klein jaar later, in september 2013, was ik aan de beurt; toen sprong ik in het diepe. Ik heb het overigens ook echt moeten leren, want Kamerlid zijn is een vak. Maar mijn moeder vertelde dat ik vroeger altijd de baas wilde spelen, dus ik denk dat ik er misschien toch aanleg voor heb.

Ik heb overigens veel aan mijn achtergrond als huisarts. Een hele belangrijke eigenschap van huisartsen is luisteren. Ik zie als huisarts iedere patiënt tien minuten op mijn spreekuur en moet dan inschatten welke hulp nodig is. Dat betekent dat je goed moet luisteren. Een eigenschap die in de politiek nog wel eens wordt vergeten. Soms is het meer zenden, ‘Wij weten wel wat goed voor u is’. Maar je kunt pas zenden als je weet wat mensen bezig houdt, geluisterd hebt en mensen dan bereidt zijn naar jou te luisteren.

Ontwikkelingen in de politiek gaan ook langzaam. Je moet een engelengeduld hebben om iets voor elkaar te krijgen. Mijn patiënten zorgen er wel voor dat ik gemotiveerd blijf om door te gaan. Juist omdat ik ook als huisarts werk, hoor en zie ik veel. Ik kom ook buiten de Haagse stolp, ik kan de verbinding maken met de echte wereld. Ook kom ik op allerlei plekken op werkbezoek en kan daar in gesprek gaan met mensen.

Het mooie is dat Stichting Camellia ook verbindt. Het is een club die actuele maatschappelijke thema’s bespreekt en mensen uit verschillende groepen, geloven, culturen en sociale lagen daarbij betrekt. Camellia zoekt naar samenhang en kijkt niet enkel naar verschillen. Dat is zo ontzettend belangrijk. Oh ja, en er is ook altijd lekker eten, haha!